“ManiFiesta geeft je energie om er weer tegenaan te gaan”

ManiFiesta zag het levenslicht in 2010. Het was meteen een duidelijk politiek statement.

Mario Franssen. We zagen in die tijd de forse opgang van de N-VA en het nationalisme. Er woedde een fel debat over de eenheid van België. De eerste editie van ManiFiesta was een feest dat helemaal inging tegen dat harde nationalistische verhaal. Wij schoven de eenheid van de werkende mensen naar voor. Helemaal tegen de stroom in.

Vandaag is de N-VA de belangrijkste regeringspartij. Een nationalistische partij, die mensen bewust verdeelt om te verhinderen dat ze opkomen voor hun rechten.  ManiFiesta laat zien dat de grote tegenstellingen die voortdurend worden aangewakkerd, niet zozeer tegenstellingen tussen mensen zijn maar tussen werkende mensen en het grote geld. Het belang van een feest waar werkende mensen vanuit heel het land en met diverse achtergronden samenkomen, is dus nog altijd heel groot.

De naam ManiFiesta liegt er niet om, mensen mogen in Bredene elk jaar een feestje verwachten.

Mario Franssen. Het feestelijk aspect is heel belangrijk voor ons. Er zijn ontzettend veel mensen en organisaties in het land die het hele jaar door werken om de rechten van mensen te verdedigen. Zij maken ons duidelijk dat we de dingen kunnen veranderen. Denk aan de afschaffing van de Turteltaks, aan het succes van de werknemers van Lidl, aan de sluiting van het asbeststort in Sint-Niklaas … Mensen moeten ook samen overwinningen kunnen vieren. Na een jaar lang werken en actie voeren, is het goed om te zien dat er mensen zijn die hetzelfde doen en mekaar in een ontspannen sfeer kunnen ontmoeten.

Ik zie in Bredene elk jaar mensen vertrekken met nieuwe energie om er weer tegenaan te gaan. Dat is wat ManiFiesta wil bereiken. Vandaag voert rechts het hoge woord met een verhaal van privatisering, liberalisering en afbraak van sociale rechten. Mensen worden dagdagelijks via alle mogelijke kanalen bestookt met de ideeën van rechts. Wij willen mensen vormen rond progressieve ideeën, die hoor je veel minder op radio en tv, je leest ze minder in de mainstream media. De nood om de dingen zelf in handen te nemen, is voor links veel groter. Dat is de culturele strijd die bezig is, de ideeënstrijd. Daarin speelt ManiFiesta een belangrijke rol.

Op ManiFiesta zoeken we naar een tegenverhaal, waarin we het hebben over andere waarden: solidariteit, internationalisme, samenwerking, … We zoeken daarvoor een eigen taal. Dat is niet makkelijk, we worden dagelijks geconfronteerd met een verhaal dat ons verdeelt. Als je daar alleen moet tegen opboksen, verval je vlug in defaitisme. ManiFiesta geeft mensen moed en energie om te blijven vechten voor verandering.

Zetten jullie daarom ook sterk in op het culturele luik van het festival?

Mario Franssen. We gaan altijd op zoek naar progressieve kunstenaars in verschillende disciplines: muziek, theater, literatuur, film … Mensen die de sociale strijd een stukje meenemen in hun werk. In onze gesprekken met artiesten stellen we ons duidelijk voor als een festival dat zich situeert in de progressieve beweging. Veel artiesten komen precies daarom naar Bredene en doen dat ook voor een redelijke prijs. Dat waarderen we natuurlijk heel erg. Artiesten weten bij ons precies waar ze terechtkomen. We proberen ook altijd om hen naast hun artistieke optreden ook nog anders te betrekken, door hen in contact te brengen met het publiek of hen te laten deelnemen aan een debat. Zo lieten we bijvoorbeeld schrijver Jeroen Olyslaegers een gesprek aangaan met Peter Mertens over de stad Antwerpen.

Tot nog toe is het festival elk jaar gegroeid. Verwacht je dat die tendens zich zal doorzetten?

Mario Franssen. In de jaarkalender van veel organisaties is ManiFiesta een vaste waarde geworden. Vanaf de eerste keer was er een grote diversiteit aan organisaties aanwezig: vakbonden, ngo’s, organisaties die werken rond racisme en sociale rechten... We krijgen elk jaar sneller de vraag van organisaties om een plekje te krijgen. Er is ook een stijgende interesse voor de debatten. Organisaties zijn zelf veel meer vragende partij om daaraan deel te nemen, ze stellen zelf ook thema’s voor.
 

We zijn in 2010 begonnen met ongeveer zesduizend bezoekers, nu zitten we al aan dertienduizend. Dat is meer dan een verdubbeling. Ik denk dat er nog heel veel potentieel is. Maar we moeten dat niet overhaasten. We moeten het festival op een gestage, organische manier laten meegroeien met het publiek.

Het internationale en diverse karakter van ManiFiesta is altijd een sterke troef geweest.

Mario Franssen. We hebben op alle vlakken altijd aandacht gehad voor de diversiteit: internationale thema’s, buitenlandse sprekers, muziek uit alle werelddelen, internationale keuken … Dat is echt essentieel. België is heel divers. Het getuigt van respect om die diversiteit ook naar ons festival te halen. Dat wordt ook heel erg gewaardeerd. Iedereen voelt zich thuis op ManiFiesta.

Het festival wordt ook door vele handen gedragen.

Mario Franssen. Een van de sterktes van ManiFiesta is dat we het helemaal op eigen kracht doen. We steunen volledig op de mensen en organisaties die er aanwezig zijn. We werken ook met veel vrijwilligers. Dat geeft ons een unieke positie in het landschap van de festivals. Er zit ook geen winstconcept achter onze organisatie. Wij moeten achteraf niemand uitbetalen.

Wat zijn voor ManiFiesta belangrijke thema’s voor de komende jaren?

Mario Franssen. De sociale strijd natuurlijk. Er heerst een enorme woede over de afbraak van sociale rechten. In de eerste plaats de aanval op de pensioenen, maar ook de jacht op de zieken en werklozen. Daarnaast gaat het ook over onderwijs, over de luchtkwaliteit, over investeringen in gevechtsvliegtuigen, oorlog … We moeten het echt hebben over die sociale strijd en hoe we de verschillende strijdbewegingen kunnen samenbrengen. Als we er niet in slagen om één grote beweging te maken, dan blijven we verdeeld en maken we het onze regeringen veel te makkelijk.

ManiFiesta is het feest van de solidariteit. Mooi, maar wat is dat eigenlijk, solidariteit?

Mario Franssen. Solidariteit heeft te maken met de bezorgdheden en problemen van mensen, met de uitweg die ze daarvoor zoeken, en je daar zonder tegenverwachtingen voor inzetten. Het is dus niet: ik doe iets voor jou en dan doe jij iets voor mij. We weten dat er heel veel strijd is, dat mensen met veel problemen te maken krijgen, waar ze samen met anderen aan werken. Daar zetten we op in. We creëren een plek waar mensen mekaar ontmoeten en zich kunnen engageren zonder dat ze daar iets voor terug verwachten. Het wederzijdse ontstaat dan bijna altijd vanzelf. Bij echte solidariteit is het wederzijdse geen uitgangspunt. Solidariteit heb je immers niet nodig als alles goed gaat, je hebt het nodig als je in de problemen zit, wanneer het moeilijk is om te geven. ​

Wat zijn voor u tot nog toe hoogtepunten geweest?

Mario Franssen. Ik heb mensen op het podium zien huilen, bij een debat rond Palestina, omdat wat er gezegd werd zo diep uit het hart kwam. Dat vergeet je niet. Dat zijn momenten waarop een festival kan laten zien wat solidariteit is, als iemand naar hier komt om een verhaal te brengen dat mensen zo kan raken.

Sinds vorig jaar ben ik directeur van het festival. Ik was dus vorig jaar voor het eerst eindverantwoordelijke voor de organisatie. Als je dan op zondagavond kan terugkijken op een geslaagd festival, dan krijg je wel een krop in de keel.