Chilla: rappen als verzet tegen de haat

In het oog van de #metoo-storm maakte Chilla een spectaculaire opgang in Frankrijk. Sindsdien is ze niet meer weg te denken uit de franstalige rapscene. Haar intelligente en enthousiaste en feministische rap blaast dit jaar ook een frisse wind over de Belgische en Franse podia. Zelfs verkiest ze de term humanist boven feminist. Op zaterdag 8 september zal ze ManiFiesta doen zinderen.

Stéphanie Koplowicz

Je hits 'Sale Chienne', 'Si j’étais un homme' en '#balancetonporc' zijn stuk voor stuk een aanklacht tegen machisme en seksisme. Moeilijk dus om het met u niet te hebben over vrouwen en feminisme. 

Chilla. Dat spreekt vanzelf. Het eerste lied dat ik hierover maakte is 'Sale Chienne' ('vuile teef'). Dat lied ontstond als reactie op de haatdragende commentaren die ik krijg wanneer een clip van mij op het internet rondgaat. De enige uitleg die ik daarvoor vind is dat ik een vrouw ben. De opmerkingen gaan altijd daarover, niet over mijn muziek of iets anders. Mijn geslacht staat altijd centraal in het debat. 

Het is nochtans 2018, je zou denken dat de situatie in de loop der jaren verbeterd is, niet? 

Chilla. Het is waar dat er veel veranderd is, nooit eerder stonden vrouwen zo in het hart van de discussie. Toch zijn we er nog lang niet: voor veel mensen is het nog steeds geen evidentie om mannen en vrouwen gelijk te behandelen. Vaak begint het probleem bij de opvoeding. Ook het internet laat mensen zomaar toe hun haat te spuwen. Ik ben er zeker van dat de mensen die deze commentaren posten hetzelfde niet recht in mijn gezicht durven zeggen. Ze verbergen zich achter een scherm. Daarom heb ik die commentaren in het begin van de clips van 'Sale Chienne' en '#balancetonporc' gezet (#balancetonporc is de Franse tegenhanger van #metoo, nvdr.). Om te tonen dat ik niet overdrijf. 
Soms zie ik zelfs achteruitgang. Gelukkig niet overal natuurlijk, veel mensen zien die gelijkheid als iets volkomen natuurlijk. De jongens met wie ik ben opgegroeid bijvoorbeeld, waarmee ik ben beginnen rappen. Zij vonden het normaal dat ik erbij was.

Ziet u het als uw taak om over seksistische agressie te spreken? 

Chilla. Dat is in elk geval waarom ik '#balancetonporc' uitbracht. Artiesten zoals ik hebben de middelen om gehoord te worden. Veel vrouwen hebben dat niet, zij ondergaan het geweld zonder dit soort platform om zich te uiten. Ook al zien we veel hashtags en campagnes passeren op Twitter, we mogen niet vergeten dat veel vrouwen zelfs geen toegang hebben tot het internet.

Zou u zeggen dat u een woordvoerder geworden bent voor deze zaak? 

Chilla. Neen, die titel wil ik niet op mij nemen. Ik rap en hou van rap omdat ik me er vrij in kan uitdrukken. Ik kan uiten wat ik voel en alle onderwerpen aansnijden die ik wil. Ik wil meer doen dan de feministische vlag dragen. Natuurlijk beschouw ik mezelf wel als feministe, maar dat is niet de enige strijd die ik voer. Vechten tegen racisme of armoede is ook belangrijk. Ik wil vooral wijzen op wat sommige vrouwen ondergaan en duidelijk maken dat ze ze zich niet altijd kunnen uiten. Daarmee wil ik me zeker hun lijden niet toeëigenen.

Met 'Lettre au Président' kaart u de breuk tussen de jeugd en de politiek aan...

Chilla. Voor mij was dit lied een manier om te spreken over wat ik om mij heen zie. In dit geval komt het ook voort uit een specifiek moment: ik deed het voorprogramma van Kerry James en wou hulde brengen aan zijn lied, 'Lettre à la République'. Ik wilde een stuk in de geest van het engagement van Kerry James. Anderzijds herken ik mezelf niet echt in politiek...

Nochtans doet u toch aan politiek via uw muziek?

Chilla. Ik probeer zo bewust mogelijk te zijn, een mening te hebben over allerlei onderwerpen. Het is mijn humanistische opvoeding die mijn bewustzijn smeedde. Hierdoor zie ik veel gebreken en onrechtvaardigheden. Ik heb niet de pretentie muziek te maken die zo sterk geëngageerd is als die van Médine of Kerry James. Ik schrijf over wat me raakt. Dat kan gaan over feminisme of maatschappelijke problemen, maar ik doe ook aan introspectie. Ik vind niet dat al mijn rap politiek of geëngageerd is, maar natuurlijk maakt dat deel uit van de hiphopcodes. Die leerde ik van kindsbeen af door te luisteren naar rappers zoals Youssoupha.

Uw jeugd verliep op het ritme van de rap, maar u heeft ook lang viool gespeeld. Is het dat wat uw rap zo melodisch maakt?

Chilla. Mijn ouders waren muzikanten. Mijn vader luisterde veel naar blues en via de viool, waarmee ik begon op mijn zesde, ontdekte ik de klassieke muziek. Van kleins af aan werd ik in verschillende muziekstijlen ondergedompeld. Dat alles beïnvloedt mijn werk. In de eerste plaats ben ik dus muzikant, dat kan ik het best. Als ik een stuk schrijf komt de muzikale compositie altijd eerst. Beetje bij beetje leerde ik ook schrijven over onderwerpen die me tegen de borst stuiten of interesseren. Het dient zelfs een beetje als therapie! (Lacht) Ik denk dat ik nog veel kan verbeteren aan de teksten, maar ik werk eraan.

In september komt u naar ManiFiesta. Betekent spelen op het Feest van de Solidariteit iets bijzonders voor u? 

Chilla. Zeker! Voor mij is muziek delen. Spelen op een festival dat die waarden verdedigt, dat is waarom ik dit vak uitoefen. Ik hou ervan om na mijn concerten met de mensen te discussiëren. Ik probeer ook langer te blijven voor wie zin heeft om met mij te praten. Op ManiFiesta lopen ook veel mensen rond die niet per se gekomen zijn om mijn concert te zien, die zelfs niet dezelfde taal spreken, die gaan ontdekken wat ik doe. Super! Ik zie er naar uit om nog eens in België op te treden.